Kees van Loohuizenpark

Kees van Loohuizenpark in 1995 op het terrein van de rioolwaterzuiveringsinstallatie Ede (foto: Kees van Loohuizen)

Rapport inventarisatie Kees van Loohuizenpark verschenen

De resultaten van de inventarisatie van natuurwaarden in het Kees van Loohuizenpark (KvL-park) door de KNNV afdeling Wageningen en Omstreken zijn 1 maart na afloop van de Algemene Ledenvergadering gepresenteerd door Kees van Lohuizen en Douwe van Dam. Het waterschap Vallei & Eem, dat met het KvL-park op het terrein van de rioolwaterzuiveringsinstallatie Ede, een waardevol en visueel aantrekkelijk natuurgebiedje bezit, heeft in samenwerking met de KNNV zorg gedragen voor een zeer fraai uitgevoerd rapport.

Het KvL-park is in 1995 aangelegd als natuurontwikkelingsgebied op het terrein van de rioolwaterzuiveringsinstallatie Ede. De doelstellingen waren gericht op een visueel aantrekkelijk open gebied met een zo groot mogelijke diversiteit aan planten en dieren waarbij het beleid van het waterschap zou worden bevestigd inzake water, natuur en milieu. Volgens de resultaten, welke in het rapport zijn vastgelegd, mag worden geconcludeerd dat die doelstellingen ruimschoots zijn gehaald.

De inventarisatie en de rapportage zijn van hoge kwaliteit. Daar komt nog bij dat dit rapport niet op zichzelf staat maar onderdeel vormt van een reeks rapporten die werden geschreven door de verschillende werkgroepen van de KNNV, afdeling Wageningen en omstreken over de inventarisaties welke in 1997, 1998, 2001 en nu in 2006 zijn uitgevoerd. Hierdoor wordt de ontwikkeling van het terrein in de tijd zichtbaar. De steeds terugkerende aandacht voor het KvL-park is voor alle partijen bijzonder aantrekkelijk.

Samenvatting inventarisatie KvL-park 2006 en beheersadviezen.

Planten

Bij de ontwikkeling van het park van kaal zand naar de huidige begroeiing hebben pioniersoorten plaats gemaakt voor de meer vaste bewoners. Een opmerkelijk resultaat is dat vanuit de vier in 1995 met wilde bloemen ingezaaide "entgebiedjes" het elders ingezaaide raaigras is verdrongen door de thans aanwezige flora.

De floristische diversiteit en kwaliteit zijn vanaf 1997 tot 2006 duidelijk toegenomen. In 1997 werden er al 160 soorten geteld, maar dit aantal is gestaag gegroeid tot 238 in 2006. Er werden 41 zeldzame tot vrij zeldzame soorten gevonden waarvan 17 van de Rode Lijst en daarnaast nog 6 van de voormalige Rode Lijst. Vooral aan deze soorten ontleent het park zijn betekenis voor in Nederland bedreigde soorten. Het iets kalkhoudende zand is daarbij van grote betekenis.

Vooral eind juni is het gebied een lust voor het oog door de overvloed aan paars van Rietorchissen in combinatie met het vele geel van de Grote ratelaar .

Mossen

De verscheidenheid aan biotopen op het terrein maakt dat relatief veel soorten zijn gevonden. Het aantal soorten is van 1997 tot 2006 toegenomen van in totaal 15 naar in totaal 41 waaronder thans 5 levermossen. Ook hier is een verschuiving geconstateerd van de pioniersoorten naar de meer vaste gasten. Er zijn geen soorten van de Rode Lijst gevonden, maar wel een aantal zeldzame tot vrij zeldzame soorten. Gewoon puntmos werd met kapsels gevonden; dit is normaliter bij slechts 1-5% van de waarnemingen van deze soort het geval.

Vogels

De inventarisatie was gericht op broedvogels. Daar bij inventarisaties niet naar nesten wordt gezocht behoeft niet elk territorium een broedgeval te betekenen. Van 33 soorten werden territoria vastgesteld; 2 minder dan in 2001. Het aantal territoria nam echter flink toe, van 89 naar 119. De opgaande lijn werd daarmee voortgezet.

Nieuwe soorten ten opzichte van voorgaande jaren waren de Grauwe Gans, met maar liefst drie broedparen, de Matkop en – lang verwacht - de IJsvogel. Verdwenen soorten, die in alle voorgaande jaren aanwezig waren, zijn Torenvalk, Fazant en Staartmees.

Naast de broedvogels werden veel leuke waarnemingen gedaan van andere vogels waaronder Dodaars, Houtsnip, Watersnip en Putter. Regelmatig werden Hazen en molshopen gesignaleerd, maar een Wezeltje was toch wel heel bijzonder.

Vlinders

In totaal werden 16 soorten dagvlinders gezien met in totaal 649 exemplaren waarbij Bruin zandoogje met 253 en Klein koolwitje met 215 exemplaren de boventoon voerden. De Bruine vuurvlinder, een soort van de Rode Lijst, werd als nieuwkomer gesignaleerd. In de extreem droge maand juli waren in de meeste vlieggebieden nog nauwelijks nectarplanten en dus vlinders aanwezig, maar in het KvL-park waren zij nog volop. Mogelijk heeft het park dus als een toevluchtsoord gefunctioneerd voor vlinders uit de omgeving.

Sprinkhanen

Acht soorten werden waargenomen waaronder twee nieuwkomers. Hoewel de komst van nog enkele nieuwe soorten werd verwacht was het toch een goed resultaat voor dit kleine gebied.

 

Conclusies en aanbevelingen

Gezien de resultaten van de afgelopen elf jaren wordt geadviseerd het huidige beheer voort te zetten. Dat wil zeggen in mei de vegetatie maaien op de zwarte grond en in september het gehele gebied waarbij de frequentie op een aantal plaatsen wordt verlaagd tot één maal in de twee jaar.

Van belang is dat de opslag van bomen en struiken zo goed mogelijk wordt verwijderd. Achter de rietkraag is de opslag zodanig intens geworden dat het geplande "plukken" vòòr de komende maaibeurt in september 2007 een goede oplossing lijkt. De elders op het terrein opkomende zaailingen jaarlijks blijven afknippen is noodzakelijk.

De omvang van de rietkraag zou niet verder moeten uitdijen. Een doorbraak naar het water kan een aantal pioniers nieuwe kansen geven.

Het open houden van de vijver en het laag houden van de struiken op het eiland is voor de vogels van groot belang. De steile wand geeft Oeverzwaluw en IJsvogel een goede nestgelegenheid. Het steeds verder afkalven van het eiland is erg jammer. Het voorkomen daarvan zou een goede zaak zijn, want door afkalving ging dit jaar waarschijnlijk het eerste nest met jongen van de IJsvogel verloren.

Het meer verspreid snoeien in de bosranden zou minder ingrijpend zijn voor de daar voorkomende vogels.
De verzamelplaats voor maaisel heeft tot verspreiding van minder gewenste planten geleid. Het zou prettig zijn deze ergens anders te situeren of compacter te houden.

Het zou aanbeveling verdienen om in 2007 het 12½ bestaan van het park te "vieren" met een grote onderhoudsbeurt rond de vijver en daarvoor binnenkort de plannen te smeden.

Rapport

Voor meer Voor meer informatie over de inventarisatie wordt verwezen naar het rapport:

Waterschap Vallei & Eem en KNNV afdeling Wageningen en Omstreken, 2006. Het Kees van Lohuizenpark op de RWZI Ede in 2006. Een inventarisatie van natuurwaarden.

 

Klik op foto voor uitvergroting

moeraswespenorchis
(foto: Douwe van Dam)

 Klik op foto voor uitvergroting

kartuizer anjer
foto: Kees van Loohuizen)

 
Klik op foto voor uitvergroting

Gekroesd plakkaatmos
(foto: Andrew Spink)

Klik op foto voor uitvergroting

Grauwe gans
(foto: Kees van Loohuizen)

 

Klik op foto voor uitvergroting

Kleine vuurvlinder
(foto: Kees van Loohuizen)

Klik op foto voor uitvergroting
 
Ratelaar (vr)
(foto: René Krekels)


bovenkant pagina

laatste wijziging: 17-06-2007