Vlinderen op de Pietersberg en twee bijzondere dikkopjes gezien!

Margreet Stadig

De Moerputtenexcursie was tot twee maal toe afgezegd vanwege kou en regen. Zou de excursie naar de Pietersberg nu wel doorgaan?

Ondanks de matige weerspellingen besloten we het erop te wagen. De dag begon bewolkt, maar de voorspellingen beloofden beterschap, dus wie niet waagt, wie niet wint en rijden maar met drie volle auto's.

Rond 10.00 uur waren we op de afgesproken parkeerplaats, maar de zon was nog ver te zoeken. Nou, ja, af en toe een streepje tussen de wolken door, maar veel stelde het niet voor en de temperatuur was nauwelijks 17 graden met een forse wind. Toch gingen we goedgemutst op pad.

Aart Lagerwerf had zich door Kars Veling van de Vlinderstichting over de looproute laten adviseren. Dan zou er een gerede kans zijn het kaasjeskruiddikkopje en het klaverblauwtje te zien.

Op het eerste hooilandje aangekomen vonden we met moeite enkele slome, door ons opgejaagde bruine zandoogjes en een enkel icarus- en bruin blauwtje. De St. Jansvlinder kon al op meer enthousiasme van ons rekenen. Maar ach, als KNNV-ers laat je je niet zo snel uit het veld slaan. Er waren onder ons een paar ‘nachtvlinderaars', die enthousiast enkele van deze beauty's op naam begonnen te brengen. Ook de plantenliefhebbers konden zich wel vermaken. Eén plantje, een lipbloem, kende niemand van ons en stond er in redelijk grote aantallen langs een pad. Thuis bleek het na determinatie Grote tijm ( Thymus pulegioides).

De temperatuur liep langzaam op en bij een oude groeve met mooie hooilandjes rondom vonden we het kaasjeskruiddikkopje, een uiterst zeldzaam vlindertje, dat sinds 2009 van deze plek bekend is. Iedere keer vloog het beestje weer op en dan waren we het weer kwijt en moesten we weer opnieuw gaan zoeken. Zo ging het een paar keer achterelkaar door. Op een gegeven moment had Joke Veltkamp er een gevangen. We bekeken het nog eens goed in het loeppotje, zette het op de foto en lieten het vrij via mijn hand op de wilde marjolein. Een groep NJN-ers was ook enthousiast en vertelde dat zij het bruin dikkopje hadden gezien. Om deze te spotten, was dus onze nieuwe uitdaging. Enfin, nog één rondje om de groeve, waar we nog een gehavende argusvlinder waarnamen en dan weer verder naar het ‘klaverweitje'. Daar zouden we het klaverblauwtje moeten kunnen zien. Je kunt niet met alles geluk hebben. Deze vlinder liet het afweten, helaas. Maar een stukje verder werden we wel verrast door een andere bijzonderheid, namelijk de Spaanse vlag, een prachtige beervlinder, die ik wel uit Frankrijk kende, maar nog nooit in Nederland had gezien. Gauw de anderen geroepen. De fototoestellen klikten er weer lustig op los. Het mooie beestje leek een spelletje met de fotografen te spelen door zijn vleugels af en toe te sluiten, waardoor het mooie rood uit het zicht verdween. De NJN-ers vergezelden ons weer even en vertelden ons dat ons eerder gevangen dikkopje, geen kaasjeskruiddikkopje was, maar een bruin dikkopje. Wij al onze foto's bekeken en het boek er bij genomen. Wat bleek, we hadden beide dikkopjes gezien, maar het gevangen exemplaar was toch echt een bruin dikkopje. Een beetje laat, maar nu weten we wel heel goed de verschillen tussen deze twee te benoemen.

Een stuk verder gelopen en terug bij de oude mergelgroeve nog een keer naar de dikkopjes gekeken. Nu waren de vlinders veel actiever. Er vlogen meerder bruine dikkopjes, en zeker ook nog één kaasjeskruiddikkopje. Een mooie afsluiting. Naar de auto teruggelopen en op het terras van het plaatselijk café een drankje genuttigd en nog wat met zijn allen nagepraat. Na Aart bedankt te hebben voor de perfecte organisatie, reden we voldaan en goedgemutst weer naar huis.

Klik hier voor enkele waarnemingen tijdens de excursie. In het webalbum zijn foto's van de excursie te bekijken.

 

This document was last modified on: